
Wet voorraadvorming aardolieproducten 2001
Artikel 22
1
De heffing bedraagt voor:
a
lichte olie, per 1000 L bij een temperatuur van 15 graden Celsius 5,30
b
halfzware olie, per 1000 L bij een temperatuur van 15 graden Celsius 5,30
c
gasolie, per 1000 L bij een temperatuur van 15 graden Celsius 5,30
d
vloeibaar gemaakt petroleumgas, per 1000 kilogram 5,30
2
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen de in het eerste lid genoemde bedragen worden gewijzigd of op nihil gesteld.
3
De voordracht van een algemene maatregel van bestuur tot verhoging van een of meer van de in het eerste lid genoemde bedragen, wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
-
LJN BI3113, Hoger beroep, 07/00208
Rechtsoort
Belasting
Datum uitspraak
27-02-2009
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Hoger beroep
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Gerechtshof 's-HertogenboschBelanghebbende is vergunninghouder van een accijnsgoederenplaats (agp) voor minerale oliën. Om voor het verlaagde accijnstarief voor gasolie in aanmerking te komen moet aan de gasolie als herkenningsmiddel tussen de 6 en 9 gram Solvent Yellow 124 per 1000 liter zijn toegevoegd. De inspecteur heeft in 2004 een controle uitgevoerd bij belanghebbende... -
LJN BA4921, Eerste aanleg - meervoudig, AWB 06/1894
Rechtsoort
Belasting
Datum uitspraak
16-03-2007
Status
gepubliceerd
Soort procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Instantie
gepubliceerd
Rechtsoort
Rechtbank BredaBelanghebbende handelaar in aardolieproducten, had in haar accijnsgoederenplaats ârode gasolieâ opgeslagen. Volgens analyse van een door de douane genomen monster was het gehalte aan herkenningsmiddel solvent yellow minder dan de norm van 6 gram per 1000 liter. Ten tijde van de uitslag van het onderzoek...